Verslag vrijwilligers versus professionals 24 februari

Het cultuurcafé begon met een introductie van Monique Verhoeven, één van de schrijvers van Kunnen we dat ´niet´ aan vrijwilligers overlaten. Ze was student-assistent bij het onderzoek.

Voor Monique begint, stellen eerst Karin Hanekroot van de Vrijwilligersacademie, Malene Duijst van Clientenbelang, Piet van de Lende van de Bijstandsbond en Mellouki Cadat van Movisie zich voor en de  bijeenkomst wordt voorgezeten door Jet van Rijswijk. Bij binnenkomst en in de pauze is prachtige muziek van Josefine te Passe op de piano. Deelnemers uit de zaal onderbreken de introductie van Monique Verhoeven actief. Er ontstaat een boeiend en levendig gesprek. Hier een samenvatting:

Van de verzorgingsstaat naar de participatiesamenleving

In de troonrede van 2013 werd gesproken van een verschuiving van de klassieke verzorgingsstaat naar de participatiesamenleving. De hoop is dat vrijwilligers veel taken en verantwoordelijkheden op zich nemen, of zelfs overnemen, die eerst bij betaalde krachten lagen. Onder druk van bezuinigingen probeert de zorg- en welzijnssector steeds vaker vrijwilligers in te schakelen.

In de zorg was de pakketmaatregel AWBZ in 2010. De verantwoordelijkheid voor de zorg van kwetsbare mensen wordt overgedragen aan de gemeenten, samengaand met een bezuiniging. De gemeenten doen hiervoor een beroep op vrijwilligers.

In de welzijnssector doet het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport een beroep op het zelfoplossend vermogen van burgers. Naast de noodzaak hiertoe vanwege bezuinigingen, zit hier ook een democratisch ideaal achter: Burgers krijgen het initiatief en de zeggenschap terug (bottom-up/doe-democratie).

Foksuk verzorgingsstaat

De onderzoeksvraag was: In hoeverre en onder welke voorwaarden is de verschuiving van de verzorgingsstaat naar de participatiesamenleving mogelijk in de zorg- en welzijnssector? De leden van het onderzoeksteam, hebben ongeveer een jaar lang meegelopen en interviews gehouden bij de volgende type instellingen: verpleeghuizen, instellingen voor dagbestedingen, buurthuizen, buurtkamers, speeltuinen en burenhulpcentrale. Hieruit bleken drie soorten samenwerkingsverbanden tussen vrijwilligers en professionals:

Drie soorten samenwerkingsverbanden

Bij de eerste vorm: professionele verantwoordelijkheid & taken zien we vaak in de zorg, verpleeghuizen en dagbesteding. Professionals gaan over lichamelijke zorg, administratie, coördinatie. Vrijwilligers hebben strikt afgebakende taken. Aanvullend of ondersteunend. Daarmee echter niet onbelangrijk!

“Wandelen, naar buiten, gezellig kletsen, sjoelen. De dames vinden het fijn als er met hen gezeten wordt, een beetje getut. Maar wandelen is zeker nummer één. Iedereen vindt het toch fijn om naar buiten te gaan en dat gebeurt anders (zonder vrijwilligers, red.) weinig tot niet.” (Professional verpleegzorg)

De tweede vorm is gedeelde verantwoordelijkheid. De professional bepaalt wat er gebeurt en ook grotendeels hoe dat gebeurt. De vrijwilliger heeft een bepaalde mate van beslissingsbevoegdheid over eigen rol: vandaag wandelen of een spelletje? Bij overleggen worden vrijwilligers niet betrokken, vaak i.v.m. de privacy van cliënten. Professionals zijn altijd dichtbij. Vrijwilligers zijn niet permanent onder begeleiding van professionals, maar er is wel altijd een professional in de buurt die kan ingrijpen als iets mis dreigt te gaan. Vrijwilligers in de verpleegzorg zijn regelmatig alleen met cliënten – bijvoorbeeld in de gezamenlijke huiskamer of tijdens het wandelen – maar de professional is daar altijd van op de hoogte en kan binnen enkele minuten ter plaatse zijn. Professionals vinden dit van belang, omdat zij verantwoordelijk zijn. “Het blijven onze cliënten”, zegt een professional van een verpleeghuis. Ook de vrijwilligers zelf willen vaak liever in de buurt van een professional blijven

“Als ik ga wandelen maak ik een klein ommetje, ik wil niet te ver weg, want als er iets gebeurt, moet ik wel op tijd terug zijn.” (Vrijwilliger verpleegzorg)

De derde vorm is gedeelde verantwoordelijkheid & taken zien we vaak in welzijnssector: speeltuinen, huizen van de wijk en buurtkamers. Vrijwilligers organiseren zelf grootschalige activiteiten, zoals danslessen, mozaïekcursussen, taallessen en huiswerkbegeleiding in buurthuizen en knutselactiviteiten en spelletjes in speeltuinen. De professionals monitoren hier alleen. Daarnaast coördineren en ingrijpen ze waar dat nodig is. Motiveren buurtbewoners om vrijwilligerswerk te gaan doen en helpen hen bij het verrichten van hun taken. Wat heb je nodig?

“Vroeger werkte ik als sociaal werker. Dat was werken in de oude stijl. Dus ‘u vraagt, wij draaien’. Nu zeggen de bezoekers ‘wij willen yoga’, en dan zeggen wij ‘is goed, dan gaan jullie het organiseren’. Dus het moet echt uit de bezoekers zelf komen. ‘Oké, jij wilt iets, goed idee. Wij gaan je helpen om het mogelijk te maken’.” (Professional Huis van de Wijk)

Drie dilemma’s

In de samenwerking vrijwilligers versus professionals komen we drie dilemma’s tegen:

  1. Flexibele of strakke taakverdeling?
  2. Zelf laten beslissen of aansturen?
  3. Wel of geen vrijwilligersvergoeding?
Ad1. Wat als een vrijwilliger meer in zijn mars heeft? Wat als de vrijwilliger hetzelfde werk doet als de professional, maar niet allemaal eindverantwoordelijkheid en niet de beloning ontvangt?
“In het geval van Katja is dat een beetje de vrije loop gelaten. Die mag gewoon, die doet gewoon wat ze leuk vindt en die doet dus op die manier heel erg veel. En Tinie heeft echt een heel specifieke taak. Die zit gewoon aan tafel de hele dag en ruimt een beetje op, schenkt drinken in voor de mensen en die kletst gewoon vooral heel erg veel.” (Professional verpleegzorg)
Ad2. In veel Utrechtse speeltuinen werken professionals volgens de ‘vreedzame aanpak’. Dit houdt in dat conflicten – tussen kinderen of volwassenen – op een rustige, op uitleg en argumenten gebaseerde manier worden uitgepraat. Wanneer twee kinderen ruzie hebben, vraagt de professional hun om elk hun eigen kant van het verhaal te vertellen en helpt hen bij het bedenken van een oplossing die voor beiden acceptabel is.
“Je moet alsmaar met ze praten, maar dat werkt niet, die vreedzame methode. Dit is eerder een ‘wreedzame’ wijk, met een w. Ik ben hier geboren en getogen, in discussie gaan werkt niet in deze wijk, het gaat het ene oor in en het andere weer uit. Daarom zeg ik gewoon waar het op staat.” (Vrijwilliger speeltuin)
Ad 3. Deze vraag doet zich vooral voor op plekken waar de taken en verantwoordelijkheden van vrijwilligers veel lijken op die van professionals. Hoe kun je vrijwilligers behouden? En wat als de vrijwilliger het werk beter kan/doet dan de professional met een vast contract? Aanwezigen in de zaal pleiten voor een basisinkomen voor iedereen.

 

Bijdrage van deelnemers in de zaal

Na de informatieve introductie van Monique Verhoeven brachten verschillende buurtvrijwilligers hun ervaringen in het vrijwilligerswerk naar voren en noemden en evalueerden projecten waarmee ze bezig zijn of in participeren. Daarbij benadrukten verschillende aanwezigen dat de belangenbehartiging van vrijwilligers eigenlijk beter zou moeten worden geregeld, om invloed uit te oefenen op de voorwaarden waaronder vrijwilligers werken.

Veel mensen willen graag initiatieven nemen, en vrijwilligerswerk doen, maar ervaren dat de overheid een tegenstrijdig beleid voert. Aan de ene kant wil men vrijwilligerswerk stimuleren in wat men noemt de participatiemaatschappij. Daarvoor worden allerlei maatregelen genomen. Knelpunt daarbij is, dat de overheid soms enigszins dwingend optreedt. Een voorziening bijvoorbeeld een speeltuin of een buurthuis kan alleen in stand blijven als jullie hem overnemen, als buurtbewoners/vrijwilliger. De zaal waar het Cultuur Café plaatsvond, bij het bewonersplatform, is hier ook een voorbeeld van. Het beheer van de zaal wordt nu door geheel vrijwilligers gerund. Een ander punt is de verdringing van bestaande betaalde arbeid door vrijwilligers. Dit leidt ook tot spanningen tussen vrijwilligers en professionals. In zijn algemeenheid moet vrijwilligerswerk aanvullend zijn op het werk van professionals en geen betaalde arbeid verdringen, is de wens van de deelnemers.

Voor bijstandsgerechtigden is het moeilijk gemaakt aan de participatiemaatschappij deel te nemen. Bekend voorbeeld daarvan is de kostendelersnorm, ook wel mantelzorg boete genoemd, waarbij bijvoorbeeld mantelzorgers met een bijstandsuitkering die een of beide oud geworden ouders verzorgen en die bij hen inwonen te maken krijgen met een korting op hun uitkering omdat ze minder kosten zouden hebben. Ook is het vrijwilligerswerk van bijstandsgerechtigden aan allerlei voorwaarden gebonden. Mensen die een kamertje ter beschikking stellen aan ene dakloze krijgen te maken met het feit, dat die dakloze geen uitkering krijgt en degene die hem of haar in huis neemt voor de kosten van levensonderhoud moet gaan opdraaien, omdat de sociale dienst zegt u voert een gezamenlijke huishouding. In het licht van de grote woningnood is dat zeer schrijnend. Gelukkig ziet de gemeente Amsterdam dat ook in en loopt er nu een pilot met stichting de Regenboog om hier soepel mee om te gaan.

Tijdens dit Cultuurcafé kwamen nog veel meer aspecten van ´vrijwilligers versus professionals´ aan de orde, teveel om hier allemaal op te noemen. Hebt u nog een aanvulling, laat het ons dan weten: wereldsewijk@hotmail.com